U bent hier

Noord-Fries

In het noordelijke deel langs de Waddenkust wordt Noord-Fries gesproken. Nederland, Duitsland en Denmarken kent er varianten van.
De taal bestaat uit verschillende dialecten.

De hoofdverdeling is alsvolgt:

  • Eiland-Noord-Fries
  • Het Fering-Öömrang op Föhr en Amrum
  • Het Söl'ring op Sylt
  • Het Halunderfreesk op Helgoland
  • Vastewal-Noord-Fries
  • Het Mooring in de Bökingharde
  • Het Wiringhiirderfreesk in de Wiedingharde
  • Gooshiirderfreesch in de Goesharden
  • Het Karrhiirderfreesch in de Karrharde
  • Halifreesk op de Halligen

Feering
De Noord-Friese dialecten dreigen te verdwijnen. In het verleden zijn al verschillende dialecten uitgestorven. Het gebruik van het Noord-Fries wordt nog maar door een paar procebnt van de bevolking van Goesharde, de waddenkuststrook op het vasteland van Duitsland, gesproken. Op de eilanden Föhr en Amrun spreekt nog een derde de dialecten. De eilanders van Föhr en Amrum kunnen elkaar verstaan, maar de andere dialecten verschillen van elkaar en die verschillen en de kleine groepen sprekers dragen bij aan het uitsterven. Op Sylt heeft het toerisme een slechte invloed op het behoud van het dialect en immigratie van mensen uit Nedersaksische taalgebieden speelt ook een belangrijke rol. Sommige sprekerspopulaties zijn klein, zoals op de Halligen. Daar wonen slechts 300 mensen.
Het Feering en het Öömrang, dat op Föhr en Amrum wordt gesproken, wordt van generatie op generatie doorgegeven, en het Bökinghards aan de westkust van Duitsland ter hoogte van Föhr, beleeft een opleving. Voor de andere dialecten zijn de vooruitzichten niet zo positief.

Minderheidstaal
Duitsland heeft inmiddels het Fries erkend als minderheidstaal. In Sleeswijk-Holstein is in 2004 een taalwet (het Friisk-Gesäts) aangenomen waarin de bestuurlijke status van het Noord-Fries is vastgelegd. Dat betekent onermeer dat in het gebied de plaatsnaamborden tweetalig zijn en dat het Noord-Fries als bestuurstaal is toegelaten. In 2005 begon de Deutsche Bahn in het Noord-Friese taalgebied tweetalige stationsborden te plaatsen. De Friezen in Duitsland hebben sinds 1998 de status van Nationale minderheid en worden met het Kaderverdrag inzake de bescherming van nationale minderheden met aandacht omgeven. Daarnaast zijn de Friezen met de Denen onder artikel vijf van de Grondwet van Sleeswijk-Holstein erkend als minderheid.

Onderwijs
In Bredstedt staat het Nordfriisk Instituut. Het is het wetenschappelijk instituut voor alle varianten van het Noord-Fries.
Universitair kan het Noord-Fries gestudeerd worden aan de Christian Albrechts Universiteit in Kiel. Net als in de Nederlandse provincie Friesland krijgen in het Duitse Noord-Friese taalgebied de basisschoolleerlingen twee uur per week les in de taal. Duizenden kinderen maken daar jaarlijks gebruik van. In het voortgezet onderwijs zijn dat er niet meer dan tweehonderd. Een groot deel van deze scholen bevindt zich op het eiland Föhr en in de Bökingharde. In Risum-Lindholm wordt de taal in de Risem-Schölj tevens als voertaal gebruikt.

Sterren
Uit het onderstaande zinnetje blijkt duidelijk hoezeer de verschillende hoofddialecten van het Noord-Fries uiteenlopen, en hoezeer de dialecten van Föhr en Amrum op elkaar lijken. De vertaling luidt: "'Licht, oude maan, licht', riep Hawelman, maar de maan was nergens te zien en de sterren ook niet; ze waren al allemaal naar bed gegaan."

Eiland-Noord-Fries

Söl'ring:
"Ljucht, ual Muun, ljucht!" skriilt Häwelmann, man di Muun wiar narigen tö sen en uk di Stiaren ek; ja wiar al altermaal tö Ber gingen.

Feering:
"Locht, ual muun, locht!" rep Heewelmaan, man a muun wiar nochhuaren tu sen an a stäären uk ei; jo wiar al altermaal tu baad gingen.

Helgolands:
"Lochte, ool Muun, lochte!" rüp Heäwelman, oawers de Muun wear naarni tu sin’n en uk de Steern ni; dja wear al allemoal tu Baad gingen.

Öömrang:
"Locht, dü ual muun, locht!" rep Heewelmaan, man a muun wiar nochhuaren tu sen an a stäären uk ei; jo wiar al altumaal tu baad gingen.

Vastewal-Noord-Fries

Goeshards:
"Jocht, uule moune, jocht!" biilked Hääwelmoon, ors e moune waas närngs to schüns än da steere ok ai; ja weern al aal to beede gingen.

Wiedinghards:
"Ljocht, uuile moone, ljocht!" biilked Hääwelmuon, män e moone was näärgen to schüns än uk e steere ai; jä würn al altomoale to beerd gingen.

Halligfries:
"Jaacht, uale mööne, jaacht!" bölked Hääwelmoon, man de mööne woas näärngs to siinen än de steere uk ee; jä weern al altomaole to beed giangen.

Bökinghards:
"Jucht, üülje moune, jucht!" biiljked Hääwelmoon, ouers e moune wus nargne tu schüns än e stääre uk ai; ja wjarn ål åltumååle tu beed lim.

Nederlands Fries
"
Ljocht, âlde moanne, ljocht," skreauwde Hawelman, mar de moanne wie nearne te sjen en de stjerren ek net; se wiene allegear nei bêd gien.

In vergelijking met de Duitse en Deense Friese-varianten ontbreken daar de bijzondere klinkers met accent circonflexe (het 'dakje') maar gebruikt men wel de Deense å.
Het Noord-Fries heeft in "ffr" als ISO 639-3-taalcode.

Bronnen: 

Wikipedia.org

Nog geen stemmen
Reactie plaatsen? Lees eerst de huisregels.

Advertentie